Zondag 8 januari 2006.
Koud, zonnig en droog. Perfect fiets weer!
‘s Morgens om half 10 vertrokken mijn pa en ik vanuit Maastricht richting Gulpen op onze mountainbikes om deel te nemen aan de toertocht die daar plaatsvond.
Onderweg al conclusie getrokken dat onze benen erg slecht waren. we deden dan ook een uur over een stukje van 15 kilometer.
Eenmaal in Gulpen aangekomen hebben we ons ingeschreven, mijn pa voor de 30 kilometer en ik voor de 50 kilometer. Bij het naar buiten lopen hoorden we nog hoe de organisatie de vraag: “Kunt u mijn band even opblazen?” opvat, ze deden dan ook letterlijk je binnenband opblazen wat een leuke knal ten gevolgen had.
(gebeurde in een paar minuten tot 2 maal toe)
Na 2 kilometer samen te hebben gefietst, waar we een vader en zijn zoontje (ong. 5 jaar) tegenkwamen op een soort van aanhang fietsje voor de kleine (zouden ze het hebben gehaald?), ben ik door gereden om te zorgen dat het verschil in aankomst niet te groot zou worden tussen ons 2.
De eerste 10 kilometer gingen ineens zeer goed en ik “vloog” bijna letterlijk langs alles en iedereen. Dit kwam ook zeker doordat mijn remmen het de eerste 18 kilometer het maar voor 25% deden, wat leidde tot soms levensgevaarlijke momenten in enkele afdalingen. Na de 1e 10 kilometer voelde ik dat het niet geheel goed zat en begon daar al te verzuren, wat natuurlijk al veels te vroeg is. De laatste 8 kilometer tot de 1e pauze heb ik dan heel rustig door gefietst en een minuutje of 20 wat gegeten en gedronken. Bij deze pauze kwam ik mijn pa ook nog tegen, ook hij vond het zwaar en soms gevaarlijk fietsen op de soms bevroren sporen of de dooiende bovengrond waaronder nog soms zelfs ijs lag.
Na de pauze ben ik weer alleen door gefietst om meteen zeer moeilijke en gevaarlijke afdaling tegen te komen, dit was wel een goede test om te kijken of ik mijn remmen nu wel in orde had gekregen, op deze afdaling zat een iet wat oudere man voor me die bijna meteen afstapte waardoor afdalen voor mij ook onmogelijk werd.
Meteen na de afdaling was een mooie, maar zeer moeilijk klim door losse stenen en boomwortels.
Dit typeerde de rest van de 32 kilometer zeer duidelijk, want iedere klim was vandaag zwaar en technisch moeilijk door de losse stenen en gladde boomwortels waarbij het vaker dan eens ook nog eens leek op een schaatsbaan.
De Camerig was dan voor mij een hele klus en heeft me heel veel tijd en kracht gekost om boven te komen, na de Camerig kwam mijn gemiddelde dan ook niet meer boven de 15 kilometer per uur uit en kramp op de daarna volgende beklimmingen werd dan ook een meer dan eens voorkomende verschijning.
Eenmaal over de Camerig, in de afdaling, kwam ik ook nog eens niet al te zacht in aanraking met de grond toen ik een flinke steen niet zag. Na te zijn opgekrabbelt ben ik weer in een laag tempo richting het einde gefietst waarbij nog een aantal beklimming moesten worden “overwonnen”.
Eenmaal aangekomen hebben mijn pa, die al anderhalf uur binnen was van de 30 kilometer, nog even rustig gezeten om daarna onze weg naar huis via Ingber in te zetten.
Bijna 6 uur later en 80 kilometer rijker op de teller waren we weer terug op het begin punt van de dag, namelijk in onze eigen tuin.